Terug Volgende

LHBTI+, zichtbaarheid en kunst: in gesprek met Koen Hauser

Gepubliceerd op 22 januari 2021

Auteur: Sophie Jansen


COC Leiden en het Lucas van Leyden Fonds werken, samen met vertegenwoordigers uit de stad, aan de realisatie van een kunstwerk dat de zichtbaarheid van LHBTI+ gemeenschap bevordert. Na een selectieprocedure is Koen Hauser uitgekozen om dit werk te maken. Hij is beeldend kunstenaar en fotograaf, maakt zelf deel uit van de Leidse LHBTI+ gemeenschap en werkt op dit moment aan het schetsontwerp. LUCAS sprak Koen over de opdracht, over de universele waarde van inclusie en over de inspiratie die hij uit de stad haalt.

LUCAS: Dit is een grote opdracht die tot een openbaar en zeer zichtbaar kunstwerk gaat leiden. Is dat iets waar je mee bezig bent?

Koen Hauser: ‘Ja, dat is zeker een uitdaging. Ik heb wel vaker werk in de publieke ruimte getoond, maar niet eerder zo publiekelijk en langdurig als dit gaat zijn. Ik moet daar nu goed over nadenken, maar straks tijdens het maken juist niet te veel. Ik wil het proces niet door die zichtbaarheid laten beïnvloeden. Wat ik heel interessant vind, is dat dit werk aandacht gaat geven aan één speciale groep binnen de hele samenleving, maar dat het tegelijkertijd gaat over een universeel begrip van inclusie. Dat is een spanningsveld rond identiteitsthema’s die de afgelopen tijd zeer actueel zijn geworden. De waarden waarvoor ik voor sta, en waarvoor ik wil dat het kunstwerk straks staat, zijn: inclusie, respect, het recht om gehoord te worden en het recht om jezelf te zijn.

Toch vind ik het ook belangrijk dat het niet in ieders strot wordt geduwd op een manier van ‘dit is hoe het is en jij MOET ons accepteren.’ Meer dan dat het een vraag is om aandacht en rechten wil dit dat dit werk zich richt op respect voor diversiteit. Aandacht en rechten vind ik natuurlijk vanzelfsprekend, ook al is het dat lang niet altijd, maar ik merk dat ik me voor dit werk meer wil richten op het universele aspect van respect en vrijheid. In dit geval ben ik zelf onderdeel van de groep die met het kunstwerk gerepresenteerd wordt en daar heb ik mijn eigen ervaringen en affiniteit mee. Tegelijkertijd gaat het over iets heel universeels. Een paradox van twee elementen die ik hoop te kunnen verenigen.’

Als je Leiden een beetje kent is het een heel diverse stad maar als je als bezoeker een rondje door het centrum loopt, krijg je volgens mij toch vooral die studentikoze sfeer mee, gericht op de oude instituten die we hebben. Hoop je de diversiteit van Leiden met dit werk zichtbaarder te maken voor bezoekers? Of denk je er juist heel anders over?

‘Nee ik denk er zeker niet anders over. Als je Leiden oppervlakkig binnen de singels bezoekt is het een netjes aangeharkt Anton Pieck-parkje met witte hoogopgeleiden, oude instituten en studenten. Maar de stad is natuurlijk veel meer en daarom vind ik dit hele initiatief van het COC zo goed. Ik heb niet meteen een politieke agenda, maar wil met mijn werk zeker aan die zichtbaarheid van diversiteit bijdragen. Mijn werk ontstaat doorgaans ook niet vanuit politieke overtuiging, maar eerder vanuit emotie. Ik richt het op het universele, dat wat ons allemaal bindt. Eigenlijk komt vaak daarna pas de realisatie dat dit past binnen een bepaald maatschappelijk engagement.’

Er zijn veel partijen bij dit project betrokken: het COC, de klankbordgroep en natuurlijk het Lucas van Leyden Fonds. Voel je een behoefte om iedereen tevreden te houden?

‘Momenteel ben ik me aan het oriënteren op ieders ideeën over het project. Het gaat om inventariseren van verwachtingen en ik wil vooral ontdekken wat men terug wil zien. En daarmee bedoel ik niet per se de vorm van het werk, maar wel de functie die ze hopen dat het gaat vervullen. Ik zou netjes een lijstje kunnen bijhouden en ieder punt afvinken, maar tegelijk weet ik dat het maken van een goed werk niet gaat om het kader waarbinnen het moet passen. In de beeldende kunst maak je allerlei werk en maak je daarna keuzes over wat uit dat werk, dat ik uit mezelf wilde maken, past binnen de criteria. Ik ga op zoek naar verhalen in de stad en naar plekken die van belang zijn voor onze geschiedenis, ik vind het belangrijk dat ik daar iets mee kan.’

Over de vorm van het werk gesproken… kun je al een tipje van de sluier oplichten?

‘Het gaat zeker voortkomen uit het medium fotografie maar welke vorm het precies gaat krijgen, is nog niet duidelijk. Bij mijn vorige grote project heb ik veel gebruik gemaakt van digitale 3D-scans van mensen. Ik wil onderzoeken of ik op die manier fotografie kan maken die grijpbaar is in de fysieke ruimte. Als dat lukt ontstaat een digitaal sculptuur, maar dan niet door een beeldhouwer maar door mij als fotograaf gemaakt. De komende maand werk ik aan het schetsontwerp. Ik moet praktisch onderzoeken of mijn 3D-plan budgettair mogelijk zou zijn. Daarnaast ga ik op zoek naar Leidse verhalen om te kijken of ik die in het werk kwijt kan. Het wordt meer dan een werk dat alleen voortkomt uit de identiteit van homo-zijn. Dit is groter, het gaat iedereen aan.’